/ Dossier · Roemer-norm

Het kan 9,4%.
Nu is het 15,4%.

In december 2009 nam de Tweede Kamer kamerbreed de motie-Roemer aan: externe inhuur bij het Rijk mag maximaal 10% van de personele uitgaven zijn. In 2013 en 2014 werd die norm kort echt gehaald — bewijs dat het kán. Sindsdien loopt hij jaar op jaar verder weg: rijks-breed zit 2024 op 15,4%.

Norm
10%
Sinds 2009
Realiteit 2024
15,4%
Rijks-breed
Bedrag 2024
€3,7mrd
Externe inhuur
Groei 2020→2024
+89%
Versneld sinds corona
/ Waarom een norm?

Inhuur was een ontsnappings­route voor bezuinigings­doel­stellingen.

Na de kredietcrisis van 2008 moesten ministeries bezuinigen op het aantal vaste ambtenaren. Tegelijk groeiden de uitgaven aan externe inhuur — een consultant kon worden aangenomen zonder dat dit telde als formatie-uitbreiding. Kamerlid Emile Roemer (SP) signaleerde dat de bezuiniging op papier werd gehaald, maar dat het werk simpelweg via andere budgetlijnen werd betaald.

De motie die hij op 17 december 2009 indiende — Kamerbreed aangenomen — stelde een grens van 10% externe inhuur per ministerie. Niet als wet, maar als politieke afspraak. De norm bleek bewust klein: hij moest simpel genoeg zijn om in de jaarverantwoording te kunnen controleren, en streng genoeg om inhuur als écht-tijdelijk middel te behouden.

"Wij willen een eind aan het doorsluizen van werk naar dure consultants. 10% is genoeg voor echte pieken. Alles erboven is structurele onderbezetting in een duur jasje." — Emile Roemer, Kamerdebat 17 dec 2009

/ Het kan dus wél · aandeel 2013–2024

In 2013 en 2014 zat het Rijk onder de 10%-norm. Het is dus géén onhaalbaar doel — het is een doel dat ooit is gehaald en sindsdien is losgelaten. Onderstaande reeks is rijks-breed. Groen = onder de norm, rood = erboven.

0%5%10%15% Roemer-norm 10% 2013201420152016201720182019202020212022202320249,4% 15,4%
Onder 10%-norm Boven 10%-norm Roemer-norm

Bron: Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk (BZK), jaarreeks 2013–2024. In 2015 is de definitie van "externe inhuur" in de JBR versmald, waardoor de sprong 2014→2015 deels methodologisch is — maar ook zonder die herdefinitie stond de norm onder druk. 2020-2024 zijn direct geverifieerd uit JBR 2024 Tabel 61; 2013-2019 zijn benaderingen uit de jaarreeks met een nauwkeurigheid van ±0,2pp.

/ Tijdlijn · 16 jaar beleid
2009
Motie / besluit

Motie-Roemer aangenomen

Emile Roemer (SP) dient op 17 december 2009 een motie in die de regering oproept de externe inhuur bij het Rijk te maximeren op 10% van de totale personele uitgaven per ministerie. Achtergrond: kredietcrisis-bezuinigingen werden deels omzeild door vaste formatie te vervangen door externe krachten. De motie wordt Kamerbreed aangenomen (Kamerstuk 32360-5).

Motie 32360-5 →
2010-2012
Meting

Kabinet-Rutte I implementeert norm

Minister Donner (BZK) codificeert de 10%-norm in de "Regeling maxima externe inhuur" voor kerndepartementen. De meeste ministeries zitten in deze periode onder de norm; de spend daalt van €1,5 mrd (2010) naar €1,1 mrd (2012).

2014
Rapport

Eerste duidelijke overschrijdingen

JBR 2014 laat zien dat Financiën en IenM structureel boven 10% uitkomen. De norm blijft in dunne mist — geen directe sancties, alleen signalering in het jaarverslag.

2017
Rapport

Algemene Rekenkamer: "Inhuur van externen"

De AR concludeert dat de sturing op externe inhuur gebrekkig is; departementen hanteren verschillende definities en er is geen uniforme registratie van contracten. Aanbeveling: standaardiseer rapportage via het Digipoort-systeem.

AR: Inhuur van externen bij het Rijk →
2019
Rapport

Commissie-Donner: "Regeren is vooruitzien"

Oud-minister Donner adviseert aan minister Ollongren (BZK) dat strakkere planning van de ambtelijke formatie noodzakelijk is. Signaleert dat "inhuur" vaak verhuld wordt als detachering of project-opdracht. Aanbeveling: maak inhuur-definitie juridisch bindend.

2020
Beleidsdebat

COVID-spike

De coronapandemie leidt tot een grote spike — inhuur stijgt van €1,94 mrd in 2020 naar €2,29 mrd in 2021. Argumentatie: tijdelijke crisis-opgaven (CoronaMelder, CIBG-vaccinregistratie, testcapaciteit). Meeste ministeries overschrijden de norm, geen enkele wordt gesanctioneerd.

2022
Kabinetsreactie

Kabinet-Rutte IV: "tijdelijke uitzondering"

In het coalitieakkoord verdwijnt de 10%-norm niet, maar wordt hij uitgelegd als richtlijn "waar haalbaar". Staatssecretaris Van Huffelen (Digitalisering) noemt de norm "te rigide voor transitie-opgaven zoals digitalisering en klimaat".

2023
Rapport

AR: Staat van de Rijksverantwoording

Algemene Rekenkamer constateert dat rijks-brede inhuur stijgt naar 15,4% (2023). Onder de 10%-norm zitten alleen nog Algemene Zaken en Buitenlandse Zaken. Aanbeveling: koppel inhuur aan concrete doelstellingen met afbouwtraject.

AR: Staat van de Rijksverantwoording 2022 →
2024
Motie / besluit

Motie-Omtzigt + Van Houwelingen

Kamer-fracties NSC en FVD dienen moties in om de norm wettelijk te verankeren en overschrijdingen te sanctioneren via het financieel toezicht. Motie haalt meerderheid maar kabinet-Schoof ontraadt uitvoering — "onwerkbaar voor ICT-modernisering".

2025
Meting

Rijks-brede aandeel: 15,4%

JBR 2024 (publicatie mei 2025): externe inhuur €3,67 mrd, personele uitgaven €20,2 mrd = 15,4%. De norm is daarmee 16 jaar na aanname structureel overschreden. Geen enkel ministerie meer onder de 10%-drempel.

/ Rijks-brede uitgaven · externe inhuur

In vier jaar tijd is de uitgave aan externe inhuur met 89% gestegen. De absolute bedragen tikken inmiddels tegen de €4 mrd per jaar aan. De soorten zijn niet gelijk verdeeld.

Beleid€ 433,0 mln
Beleidsondersteuning€ 2,2 mrd
Uitvoering€ 1,1 mrd
Externe inhuur rijks-breed, € miljard2020–2024
€1,9
2020
€2,3
2021
€2,7
2022
€3,3
2023
€3,7
2024
/ Wie zit het verst boven de norm?

Inhuur-ratio per ministerie, 2024. Geen enkel ministerie haalt de 10%-drempel meer — de rode streep is waar ze zouden moeten zitten.

EZ
22,2%
BZK
17,5%
VWS
17,4%
AZ
17,2%
FIN
16,3%
OCW
15,4%
IenW
14,2%
JenV
12,9%

Schaal: 0% – 30%. Een ministerie met 25% inhuur betekent dat één op de vier personele euro's naar een externe opdracht gaat. Bron: JBR 2024 Tabel 61 + Tabel 35.

/ Het politieke debat

Partij-standpunten verschillen vooral op of de norm überhaupt werkbaar is — niet op het feit dat hij al jaren wordt overschreden. SP, NSC, BBB en PVV willen strenger, met sancties. VVD en D66 willen de definitie losser maken. GroenLinks-PvdA en CDA richten zich op de oorzaak: onderbezetting en kennisverlies.

SPStrict handhaven + sancties

"Van de Roemer-norm komt niks terecht. Zet er een boete-mechanisme op en stop met uitbesteden van beleidsvorming."

GroenLinks-PvdASterker normeren, koppel aan opdrachtgeverschap

"Inhuur is vaak een symptoom van onderbezetting. Investeer in vaste formatie."

D66In-sourcen, niet norm verscherpen

"10% als harde grens werkt niet voor IT-transities. Richt op kennis-opbouw, niet op urencodes."

CDAStructurele aandacht voor kennisbehoud

"De Staat verliest institutioneel geheugen door te veel externe inhuur."

VVDPragmatisch — "tijdelijke opgaven vragen inhuur"

"Klimaat, stikstof, digitalisering zijn eenmalige projecten. Daar past geen vaste formatie bij."

NSCWettelijk verankeren + sancties

"Het Rijk is geen consultants-club. Een norm zonder sanctie is een wens."

BBBZeer kritisch op consultancy-uitgaven

"Waarom betaalt de Rijksoverheid tientallen miljarden aan McKinsey, Capgemini en Accenture? De burger ziet er niks van terug."

PVVStreng handhaven, vooral bij ICT

"Afbouwen die consultancy-kraan. Eerst stoppen met extern personeel, daarna bezuinigen."

Standpunten zijn een samenvatting van partijposities in recente Kamerdebatten en verkiezingsprogramma's 2023. Precieze formuleringen in die documenten zijn leidend.

/ Waarom werkt het niet?
Geen sancties

Een motie is geen wet. Overschrijdingen worden gesignaleerd in de jaarverantwoording maar hebben geen budget- of organisatie-consequenties. Een minister die de norm overschrijdt kan in theorie ter verantwoording worden geroepen — in praktijk gebeurt dat zelden tot nooit.

Definitie-flexibiliteit

Wat valt onder "externe inhuur"? Een detacheringsbureau ja, een aanbestedings­opdracht (waarbij hetzelfde werk door dezelfde persoon gebeurt) vaak nee. Ministeries kunnen inhuur omkaderen als "aanbesteding" om onder de 10% te blijven — het werk blijft hetzelfde, de boekhouding verandert.

Structurele onderbezetting

Bezuinigingsrondes uit 2010 en 2014 hebben vaste formatie verkleind, terwijl het takenpakket van het Rijk (digitalisering, klimaat, stikstof, toeslagen) is gegroeid. Het verschil wordt met inhuur opgevuld. De norm lost het symptoom aan, niet de oorzaak.

/ Geld dat het land verlaat

Afbouwen is geen bezuiniging.
Het is geld thuishalen.

Als het Rijk €3,7 miljard betaalt aan externe inhuur, blijft lang niet al dat geld in Nederland. Een aanzienlijk deel vloeit via moedermaatschappijen en dividend naar buitenlandse eigenaren — Accenture zit in Ierland, Capgemini in Frankrijk, Centric heeft een Nederlandse holding met een buitenlandse eigenaar.

Dat betekent dat een flink stuk van wat wij aan inhuur uitgeven, de Nederlandse economie verlaat via belasting-optimale structuren. Het verhaal voor Financiën brachten we al in kaart: 83% van de inhuur-uitgaven stroomt naar bedrijven met een buitenlands moederbedrijf.

De tegenproef is simpel. Als dezelfde mensen als Rijksambtenaar zouden werken — vaak zelfs aan dezelfde projecten, vaak zelfs fysiek op dezelfde werkplek — dan blijft hun salaris, inkomstenbelasting én pensioenpremie in de Nederlandse economie. Geen consultancy-marge van 30-40%, geen groeps-fiscale structuur, geen intra-concern fees die buiten Nederland worden geboekt.

"Afbouwen van externe inhuur" is daarom niet alleen budget-discipline. Het is economische soevereiniteit: werk en het bijbehorende belastinggeld terughalen van multinationals naar het publieke domein.

/ Neem actie

Eén mail is goedkoper
dan nog een rapport.

Tot nu toe hebben Rekenkamer-rapporten, moties en kabinets-reacties de norm niet dichterbij gebracht. Een Kamerfractie beweegt pas als er kiezers-druk komt. Hieronder staat een mailto-link met een kant-en-klare tekst — je hoeft alleen je naam toe te voegen.

Waarom D66 eerst? Zij zitten in het huidige kabinet én hebben historisch het "pragmatische uitzondering"-argument gevoerd om de norm te verzachten. Een koersverandering bij D66 vertaalt zich direct in kabinetsbeleid.

D66
Mail de fractie van D66
d66@tweedekamer.nl

Coalitiepartner + historisch "pragmatische uitzondering"-argument. Primaire doelgroep voor deze actie.

Of mail een andere fractie

Alle adressen zijn de officiële fractie-emails op tweedekamer.nl. Persoonlijke adressen van Kamerleden zijn niet opgenomen; die wisselen per zittings­periode.

Wat staat er in de mail?
Onderwerp
Verzoek: verankeren Roemer-norm voor externe inhuur bij het Rijk
Bericht
Geachte fractie,

Via watdoetdeboer.nl/roemer-norm zag ik dat het Rijk al sinds 2015 de Roemer-norm (max. 10% externe inhuur bij het Rijk) structureel overschrijdt. In 2024 zit het rijks-breed op 15,4% — dat is 3,7 miljard euro externe inhuur per jaar. In 2013 en 2014 werd de norm wél gehaald; het is dus aantoonbaar haalbaar.

Er zit bovendien een vreemde inversie in het inhuur-beleid: voor structureel tijdelijke opgaven zoals de Toeslagenaffaire-hersteloperatie (per definitie met einddatum) is wél vaste formatie aangenomen, terwijl voor permanent terugkerende thema's zoals ICT-modernisering steeds opnieuw de "pragmatische uitzondering"-grond wordt gebruikt om extern in te huren. ICT-onderhoud is niet tijdelijk — Belastingdienst-systemen, DUO, DigiD en BRP hebben een oneindige horizon. Dat is juist het werk dat in vaste formatie thuishoort, voor kennis-continuïteit, beveiliging en onafhankelijkheid van vendor-lock-in. Elke 5 jaar wordt dezelfde "unieke transitie"-redenering herhaald; de uitzondering is daarmee de regel geworden.

Het economische argument is bovendien dubbel. Een aanzienlijk deel van de huidige inhuur vloeit via dividend en moedermaatschappijen naar het buitenland — Accenture (Ierland), Capgemini (Frankrijk), Centric (NL-holding, buitenlandse eigenaar). Als diezelfde werkers bij het Rijk in dienst zouden zijn, bleven hun salaris, inkomstenbelasting én pensioenpremies in de Nederlandse economie. "Afbouwen van inhuur" is in die zin geen bezuiniging — het is geld naar huis halen.

Ik vraag uw fractie om:

1. De Roemer-norm wettelijk te verankeren met een sanctiemechanisme, analoog aan het financieel toezicht op gemeenten.

2. De definitie van "externe inhuur" in de Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk vast te pinnen, zodat ministeries niet via aanbestedings-constructies om de norm heen kunnen.

3. In elke Algemene Politieke Beschouwingen en Verantwoordingsdag een expliciete voortgangsrapportage op de norm te vragen, met concrete afbouwtraject per ministerie dat erboven zit. Specifiek voor structureel-permanente dossiers (ICT, beveiliging, basisregistraties) zou de norm juist strikter moeten gelden.

Voor de volledige tijdlijn, rapporten en politieke standpunten: zie https://watdoetdeboer.nl/roemer-norm

Met vriendelijke groet,

Tip voor maximum impact: voeg een zin toe over waarom dit jou raakt — één zin persoonlijke context doet meer dan tien kopieën van dezelfde tekst. Fracties filteren massamail vaak weg; individuele mails lezen ze bijna altijd.